De romantische componist Franz Liszt probeerde ook aan zijn religieuze werken een romantische toets te geven. Voor hem moest deze muziek devoot en sterk zijn, dramatisch en gewijd, schitterend en eenvoudig, ceremonieel en serieus, stormachtig en kalm, vurig en emotioneel. Dat gold ook voor zijn Via Crucis, de veertien staties van de kruisweg, een werk voor solisten, koor en orgel. Liszt voltooide zijn Via Crucis in 1879. Het werk werd echter tijdens zijn leven nooit uitgevoerd. 140 jaar later waagde het koor Cantabile zich aan een uitvoering samen met het kwartet Cuerdas en de orgelist Peter Pieters in de kerk van Nederokkerzeel. Misschien was het moeilijk aan al die tegenstrijdige vereisten van Liszt tegemoet te komen, toch slaagde het koor erin om op de zonnige zondagnamiddag van 30 maart de kerk goed vol te krijgen. Meer dan driehonderd toeschouwers volgden ingetogen de veertien staties en nadien kon men ook enthousiaste reacties horen. De kerk van Nederokkerzeel bood dan ook een prachtig decor om het lijden van Christus in deze passietijd te vertolken en uiteraard kwam het orgel hier volledig tot zijn recht. Dit orgel vraagt in elk geval om meer orgelconcerten. Dirigent Dieter Staelens is er met zijn jeugdige optimisme in geslaagd om het koor een nieuwe impuls te geven – in de goede richting uiteraard – met veeleisende koormuziek want naast de Via Crucis kwamen nog andere stukken uit het Hongaarse passierepertoire aan bod. Wie zingt, is gelukkig. Ongelukkige mensen zingen niet. De koorleden van Cantabile zullen dat zeker beamen, zelfs al ging het over de calvarietocht naar de kruisdood toe. Maar ook luisteren kan gelukkig maken. Het was alvast een mooie gelegenheid om even stil te staan in deze passietijd. (Liesbeth)