Er zijn vier evangelisten die geschreven hebben over de blijde boodschap van Jezus, maar alleen bij Lucas, in hoofdstuk 15, vinden we het verhaal van de Verloren Zoon. Het hoofdstuk gaat volledig over ‘verliezen’, en over de vreugde van het terugvinden. Eerst het verloren schaap, één van de honderd. Dan de verloren drachme, één van de tien in bezit. Tenslotte de jongste van twee zonen. Hij vraagt zijn vader om zijn deel van de erfenis, vertrekt naar het buitenland en verkwist het volledig in een losbandig leven. Totaal berooid gaat hij varkens hoeden, maar mag zelfs zijn buik niet vullen met de schillen die aan de varkens worden gegeven. Hij bezit niets meer, op een bordje na om uit te eten. Verteerd door honger en wroeging besluit hij terug te keren naar zijn vader. Lees zelf in Lucas 15 hoe mooi het verhaal eindigt. God wil dat niemand verloren geraakt.
Zowel links als rechts in onze kerk staat er een mooie houten biechtstoel, al vermeld in de archieven vanaf het jaar 1760. Beide zijn ze versierd met twee beelden. Bij de biechtstoel rechts zal u de ‘Verloren Zoon’ herkennen, aan het lege pannetje dat aan zijn gordel hangt. Een blijvende herinnering voor ons dat God niemand afschrijft, nooit.
