Een nieuwe taal

Een nieuw jaar! Onze nieuwjaarswensen klinken meer dan anders hoopvol. Elk jaar maken we rond deze tijd enkele goede voornemens, maar nu zijn we bijzonder overtuigd van hun belang. Vorig jaar hebben we ons enorm moeten aanpassen, en dat heeft ons veel geleerd over wat essentieel is en wat bijkomstig. Die nieuwe inzichten zitten ongetwijfeld in onze voornemens voor 2021. Meer dan anders willen we dat ze niet onder het stof geraken. We willen echt een beter leven voor onszelf en voor onze geliefden, een zinvol leven waar geluk te vinden is doorheen alle beperkingen. Een nieuw jaar kan zo een nieuw begin zijn.

Zondag horen we weer over Johannes de Doper. Hij riep ook op tot een nieuw begin, om eindelijk komaf te maken met wat scheef zit en verkeerd. Verandering en ommekeer zijn mogelijk, zei hij. Het was tijd om eindelijk te stoppen met het verzinnen van excuses. Wie goede voornemens had, vond bij Johannes de Doper de aanzet om er echt werk van te maken, met de doop als krachtig symbool.

Johannes gebruikte ferme taal in zijn oproep tot verandering. Ommekeer was noodzakelijk, anders zou het verkeerd aflopen. Hij zette de schrik van mensen voor een ongelukkig en mislukt leven dik in de verf. Hij noemde het een straf van God. Hij gebruikte een eeuwenoude taal, en ze werd begrepen.

Jezus kwam ook naar de Jordaan om zich te laten dopen. Hij wilde ook verandering, en de doop zou een teken zijn om hem daarbij te steunen, om vol te houden. Maar de taal van angst en straf die Johannes gebruikte, wilde Jezus niet. Jezus wist dat mensen vaak niet kunnen veranderen omdat ze compleet vastzitten in verkeerde gewoontes en situaties, ook al zouden ze het anders willen. Verandering zou volgens hem pas mogelijk zijn als iemand helpt, nabij is, wil begrijpen en vertrouwen geeft.

De angst of het onvermogen om het leven over een andere boeg te gooien, is dikwijls groot. Uitzicht op straf helpt niet, de straf van een ongelukkig leven is er immers al. Alleen vertrouwen helpt dan, weten dat er mensen zijn die vertrouwen blijven geven. Weinigen kunnen dat vertrouwen eindeloos opbrengen. Jezus kon dat, het was zijn taal, een nieuwe taal. Hij kon vertrouwen geven omdat hij het van God kreeg. Tijdens zijn doop hoorde hij God zeggen: jij bent mijn liefste zoon, ik zie je graag.

Verwoord in een taal van vertrouwen zullen onze voornemens dit jaar een grote kans op slagen hebben. Want altijd zijn er mensen die ons in die taal zullen steunen, een taal die God hen in het hart legt. (Mc 1, 7-11)