Het kan een geweldige opluchting zijn als ’s avonds de kinderen slapen. Eindelijk een beetje rust en stilte. Onze liefde mag wel groot zijn, maar onze draagkracht is niet onbeperkt. Het doet deugd om op adem te kunnen komen, na een dag die soms overvol zit van gezaag, gevraag, gezeur en in de weg lopen.
Vele kinderen krijgen en kregen bij het slapengaan een kruisje mee van hun ouders: God zegene en God beware je. Het is een soort afscheid in vertrouwen. Het kind mag in vertrouwen naar het land van de dromen vertrekken. De ouder laat los, geeft uit handen, ook in vertrouwen. Van hier af neemt God het over. Morgen zullen ze weer samen zijn.
Zegenen en bewaren. Het is een wens die we uitspreken bij een vertrek, een afscheid, een overgang. Het is een woord van diep vertrouwen in de ander, een geruststellende zekerheid dat die andere het zeer goed zal doen en op eigen benen kan staan. Het is een woord van hoop dat die andere bewaard mag blijven van onheil, maar ook dat die andere zijn waarheid mag bewaren en behouden, zijn doel, zijn hartstocht en engagement.
In het evangelie van zondag horen we de woorden van Jezus vlak voor zijn arrestatie. Het zijn dus afscheidswoorden. Het zijn woorden van loslaten omdat hij niet meer nabij kan zijn. Het zijn woorden van hoop en vertrouwen in zijn leerlingen en volgelingen. Hij bidt dat ze van onheil bewaard mogen blijven, dat ze bewaard mogen worden in hun waarheid, dat ze volkomen blij en gelukkig mogen zijn.
Een zegen uitspreken geeft sterkte en kracht aan wie de zegen ontvangt, omdat er een diep vertrouwen gegeven wordt. Een zegen krijgen maakt je groot, omdat je de toelating krijgt om groot te zijn. Waar mensen elkaar zegenen en tot zegen willen zijn, daar wordt God zichtbaar, dat is zijn wereld. Dat is uitzonderlijk, want de mensenwereld is vaak vol van wantrouwen, macht en onderdrukking. In de mensenwereld worden mensen liever vervloekt dan gezegend, worden mensen liever verwijderd dan bewaard.
Daarom is de zegen ook een sacrament, een teken dat God bestaat, méér zelfs, dat Hij werkzaam is in mensen. De zegen is een sacrament dat niet voorbehouden is aan de priesters. De zegen is een sacrament dat in handen is gegeven van elke mens, om bedachtzaam maar royaal te gebruiken, een gratis maar kostbaar geschenk zowel voor wie het krijgt als voor wie het geeft. De zegen is een bewijs dat God hoe dan ook voor iedereen het beste wil. (Joh 17, 11b-19)