Als een toren instort

Ondanks alle voorzorgsmaatregelen gebeurt het toch: een gebouw stort in, met dodelijke slachtoffers tot gevolg. Of een boosdoener slaat onverwachts toe en jaagt enkele mensen de dood in. Soms wordt dan de vraag gesteld: hoe kan God dit toelaten? Een actueel voorbeeld is natuurlijk de situatie van oorlog aan de grens met Europa, met miljoenen vluchtelingen en duizenden doden tot gevolg. Hoe kan God dit toelaten?

Toegegeven, er zijn nog maar weinig mensen die de vraag zo stellen. De tijd is voorbij dat God als verklaring diende voor alle normale, en vooral abnormale gebeurtenissen. Vandaag geeft de wetenschap de antwoorden en verklaringen. Maar het blijft een stekelig probleem, als goede mensen getroffen worden door het kwaad, het boze. Dat fenomeen, dat het kwade ook goede mensen kan treffen, dat heeft misschien vele mensen weggeleid van God. God bestaat niet, is de conclusie. Als Hij wel bestond, dan zouden die onrechtvaardigheden nooit gebeuren.

Sommigen vinden een achterpoortje. Ze zeggen dat de slachtoffers zelf ook in fout waren, zelf verantwoordelijk voor hun onheil. Ze hadden de regels moeten volgen. Ze konden weten dat ze niet op die plek moesten zijn. Ze hadden voorzichtiger moeten zijn. Ze hadden beter niet zo’n uitdagende kledij gedragen. Het is een taal die de tijdgenoten van Jezus ook spraken, zo horen we zondag in het evangelie: de slachtoffers waren zelf schuldig. God moest hen niet beschermen.

Nee, zei Jezus. De zon schijnt voor iedereen gelijk, de regen valt voor iedereen gelijk, voor de goeden en de kwaden. Elk mens kan getroffen worden. Met dat voor ogen kan je twee dingen doen. Je kan angstig worden voor God en voor je medemens, bang om een woord te veel of te weinig te zeggen, je vastklampen aan alle mogelijke regels. Je probeert dan zo veilig mogelijk te leven door een ijverige modelburger te zijn, erop gericht om het kwade te vermijden of uit te schakelen. In de hoop dat de toren niet op jouw hoofd zal vallen.

Maar dat is niet de keuze die God voor ons wenst, zegt Jezus. We zijn allemaal kwetsbaar, onkwetsbaarheid is onbereikbaar. De toren kan op ieders hoofd vallen. Niemand is schuldig of onschuldig, ook jij niet. Schuld doet niet ter zake. Omdat we allen kwetsbaar zijn, is niet angst maar vertrouwen in elkaar het antwoord. Vertrouwen is de keuze die we moeten maken. Want we hebben allen nood aan zorg, bekommernis, hulp, respect, aandacht. Angst jaagt ons weg van elkaar, vertrouwen brengt ons dichter bij elkaar.

Vertrouwen in elkaar brengt ons ook dichter bij God, doet ons ook in God vertrouwen. Want waar mensen elkaar vertrouwen, elkaar aandacht geven en helpen in nood, daar is God aan het werk. God wil niet dat een toren instort, maar zo gebeurt het soms, jammer genoeg. Hij hoopt vooral dat we dan des te meer begrijpen hoeveel we elkaar nodig hebben, in plaats van elkaar de schuld van alles te geven. (Lc 13, 1-9)