Tijdens onze kinderjaren was het onze belangrijkste opdracht: braaf zijn. Grotendeels betekende het dat we de regels van onze ouders zo goed mogelijk moesten naleven. Dat was misschien niet altijd leuk, maar we kregen er meestal een mooie beloning voor: de liefde van onze ouders.
Liefde krijgen in ruil voor gehoorzaamheid, het werd een hoeksteen in ons leven. Niet enkel tegenover onze ouders, maar ook op de school was gehoorzaamheid een belangrijke weg om waardering te krijgen. Het maakte ons volledig geschikt voor het beroepsleven. Ook daar geraak je een heel eind hogerop als je netjes de regels volgt. In de politiek geldt die wetmatigheid evenzeer, en zeker in de godsdiensten wordt gehoorzaamheid in hoge mate op prijs gesteld.
In onze godsdienst is gehoorzaamheid lange tijd een fundament geweest. De inspanningen die dat kostte, de moeite en de opofferingen die daarbij kwamen kijken, ze waren het bewijs dat je een goede gelovige was. De liefde van God in de hemel zou je deel worden. Een godsdienst zonder offers was onmogelijk.
Het moet dus een schok geweest zijn voor de schriftgeleerden en farizeeën toen Jezus hen het verhaal van de verloren zoon vertelde. Die zoon, de jongste van twee broers, had zowat alle regels overtreden en zijn vader te schande gemaakt. Hij had zijn erfdeel vervroegd opgevraagd en verkocht, en was met dat vermogen naar het buitenland vertrokken. Door overmoed en verkeerde beslissingen was het geld snel opgebruikt. Totaal berooid moest hij werk zoeken, maar door een hongersnood werd hij nog slechter behandeld dan de varkens. Uiteindelijk besloot hij naar huis terug te keren, ook al besefte hij dat al zijn rechten verspeeld waren.
We kennen het vervolg: de vader is dolgelukkig en er wordt gefeest. De jongen krijgt geen berisping of straf, maar wel de mooiste kleren. Zijn oudere broer is ontzet en woedend, en weigert aan het feest deel te nemen. Hij heeft steeds zijn vader trouw gediend en was gehoorzaam. Maar nooit is hij daarvoor beloond geweest, terwijl zijn broer alle regels overtreden heeft en er nog voor beloond wordt ook.
Gehoorzaamheid – voor Jezus was dat geen toetssteen voor jouw kwaliteit als mens. Voor Jezus was je menslievendheid belangrijker, zelfs doorslaggevend.
In het land van de gehoorzaamheid is het leven gemakkelijk. Er zijn rechten en plichten die gekend zijn. De verdeling in goede en slechte mensen is duidelijk. Wie niet de juiste QR-code heeft, moet buiten blijven. De wet is er hard, maar wetteloosheid is nog erger. Het vraagt dus inzet en moed om menslievend te zijn in dat land, om geen lijn te trekken tussen goede en slechte mensen, tussen goede en slechte vluchtelingen. Het vereist inzicht en kracht om de noden te zien van mensen en te helpen, soms tegen de regels in.
Hoe het verder verliep met de twee broers horen we zondag niet. Als ze wilden komen tot wederzijds respect en waardering, dan wachtte hen nog veel werk. Menslievendheid is geen gemakkelijke weg. (Lc 15, 1-3.11-32)