Veeleisend of begripvol?

Is onze godsdienst veeleisend? Velen zullen dit beamen. Ze zullen onder meer de woorden van Jezus uit het evangelie van zondag aanhalen: wie niet zijn kruis draagt en achter mij aan komt, kan niet mijn leerling zijn. En Jezus spreekt verder nog over de noodzaak om te breken met vader en moeder, met vrouw en kind, broers en zussen. Tenslotte vraagt hij ook om afstand te doen van alle bezittingen. Bezint eer je begint! Wie Jezus wil volgen, moet er toch maar eens goed over nadenken.

Het is een standpunt dat wijdverspreid is in onze Kerk. Jezus zelf is daarvan het beste voorbeeld: hij heeft alles voor ons opgeofferd, zo zegt ze. Door moeilijk en veeleisend te zijn, wordt duidelijk hoe belangrijk onze godsdienst wel is. Want wat weinig inspanningen vraagt en gemakkelijk te bereiken is, dat kan nooit een grote waarde hebben. Religie is een ernstige zaak, zegt de Kerk, en vraagt veel inzet, inspanningen en opofferingen, want het gaat om God. De beloning zal in verhouding zijn. Het zijn dus vooral martelaren die de status van heilige hebben verworven.

Maar dit standpunt is moeilijk te verzoenen met de begripvolle taal van Jezus. Jezus was sterk gekant tegen de godsdienstige voorschriften die mensen het leven onmogelijk maakten en hen klein hielden. Jezus was niet te spreken over een godsdienst die mensen verdeelde in uitverkorenen en zondaars, in goeden en slechten. Hij had steeds aandacht voor al wie afgekeurd en buitengesloten werd, of onwaardig werd geacht. Hij benadrukte dat God vooral de zwaksten liefhad.

Ook in het evangelie van zondag houdt Jezus geen pleidooi voor opoffering en voor het wegcijferen van jezelf. Integendeel. Hij pleit ervoor om enkel te kiezen voor hem vanuit je eigen overtuiging. Als hij spreekt over breken met je familie, dan gaat het over de moed vinden om een eigen standpunt te vormen, om te durven loskomen van hun wensen. Jezus zelf had daarover al een conflict met zijn ouders toen hij twaalf jaar was en in de tempel van Jeruzalem was achtergebleven om te discuteren met schriftgeleerden. Toen zijn ouders hem na drie dagen terugvonden en zijn moeder hem een verwijt stuurde, zei hij dat hij in het huis van zijn Vader wilde zijn.

Jezus volgen is geen heldendaad. Maar er is veel kans dat je zal uitgelachen worden, en dat je met lege handen zal staan, arm. Daarom moet je zelf de keuze maken, alleen dan zal je sterk genoeg zijn om hem te volgen. Jezus bewonderen is mooi, maar Jezus volgen is toch wat anders. (Lc 14, 25-33)